Hoe maak je je fiets ‘klimklaar’

Gewicht

Bij het klimmen komt het er altijd op aan om met een zo licht mogelijk totaalgewicht onderweg te zijn. Weet je waar ik naartoe wil? Inderdaad, koop maar een slot voor op de koekenkast of op de wijnkelder. Je eetpatroon en gewoontes in de gaten houden is eigenlijk stap 1.

Gelukkig is er ook een andere en makkelijkere manier om grammen kwijt te spelen. Hoe lichter je fiets, hoe makkelijker het klimmen zal gaan. Haal nu geen boormachine boven om gaatjes in je kader en onderdelen te boren. Ik geef je graag enkele tips om op een betaalbare manier je fiets lichter te maken:

Latex Baby!

Latex binnenbandjes zoals die van Vittoria of Michelin. Latex weegt sowieso minder dan gewoon rubber. Het vermindert zelfs de frictie tussen buiten- en binnenband waardoor de rolweerstand lager ligt. Twee vliegen in 1 klap!

Controleer wel je bandenspanning vaker dan bij rubber. Latex binnenbandjes staan wel wat sneller slap dan gewone binnenbandjes.

Ga voor vouwen

Denk aan lichtgewicht buitenbandjes! Lichte buitenbanden? Ja, inderdaad. Dat zijn geen hyperspeciale buitenbanden hoor. Je hebt cru gesteld 2 soorten buitenbanden: vouwbanden en draadbanden. De namen leggen het eigenlijk zelf al uit.

Vouwbanden koop je vaak opgevouwen in een verpakking. Draadbanden krijg je niet opgevouwen. Heel kort, maar eenvoudig uitgelegd. Waar zit dan echt het verschil: bij vouwbanden gebruiken de fabrikanten meer dunnere draden per inch. Hierdoor zijn ze een pak soepeler. De hieldraad (de zijkanten waarmee de band zich vasthaakt in het wiel) is ook een stuk soepeler.

Hierdoor zijn vouwbanden niet alleen lichter, maar de rolweerstand ligt ook een pak lager. Laat ons het zo stellen: met vouwbanden moet je minder moeite doen om je wiel te laten rollen. Klinkt goed, niet?

Carbon

Laat ons eerlijk zijn. De makkelijkste manier is carbon. Een carbon frame is echt wel een upgrade ten opzichte van een aluminium versie. Ik rijdt zelf met de Ridley Liz SL. Dat is eigenlijk niet Ridley’s klimframe, maar die fiets kan je gebruiken het hele jaar door.

Dus, misschien is dit wel de beste tip van deze volledige blog: “Staar je niet blind op superlicht materiaal dat je nooit in je gewone weekendritjes kan gebruiken. Ga op zoek naar de ideale combinatie voor al jouw ritten.”

Voor mij is dat de Liz SL. Lichter dan die pure aero krachtpatsers, maar niet zo licht als een klimfiets. Juist in het midden!

Klimwielen

Wielen hebben best wel wat evoluties doorgemaakt de laatste jaren. De duurdere modellen werden stilletjesaan lichter en lichter, zonder hun belangrijkste aspecten (aero, endurance) te laten verwateren.

Toch kan je vaak een goeie upgrade doen met een betere set wielen. Een basisset durft al eens richting de 1,8 tot 2kg gaan. Terwijl je met een kleine ingreep dat gewicht makkelijk tot 1,4 à 1,5kg kan laten zakken. Er zijn wel enkele merken die prijs-kwaliteit erg goed scoren zoals Fulcrum Zero of DT Swiss PR1400. Beide niet duur, zelfs nog alu, maar wel licht en stevig.

Dit is een segment waarmee je, mits wat opzoekingswerk, jouw fiets echt kan upgraden. Het gewicht is belangrijk, maar kijk ook zeker naar de naaf. Goeie lagers maken een wereld van verschil.

Koffiemolen!

Het kan natuurlijk niet de bedoeling zijn dat jouw knieën kraken tijdens het oprijden van een col. De beste fietstechniek voor het beklimmen van een zware col, is de pedalen laten draaien met een hoge frequentie. Koffiemolentje spelen!

Op deze manier klim je efficiënter. Het zal je minder energie kosten dan als je trapt met een te lage frequentie. Vele fietsliefhebbers hebben dan herinneringen aan Ullrich vs. Armstrong. Hun duistere verleden terzijde, maar het verschil tussen beide fietstechnieken was ongelooflijk. Ullrich, de ‘stoemper’ tegenover Armstrong, het ‘koffiemolentje’. Dat lichter, maar sneller trappen leek altijd aangenamer en beter.

Om dit te kunnen moet het ook mogelijk zijn te schakelen naar een aangepaste, kleinere versnelling.

Triples zijn passé

Amai, een stelling die ons vader niet graag zou horen! Het is echter wel een feit. De triple (een versnelling met 3 voorbladen) is helemaal verdwenen. Wat kwam er dan in de plaats? Een compact. Enkele termen op een rijtje:

· Compact: 50/34 (aantal tandjes van de voorbladen)

· Nieuwe Dubbel: 52/36

· Klassieke Dubbel, of de coureursdubbel: 53/39

De theorie is erg eenvoudig: hoe lager het aantal tandjes, hoe lichter je trapt. Dus een compact is ideaal voor bergop en eigenlijk voor erg veel fietsers perfect voor eender welke locatie.

Dan heb je nog de cassette achteraan. Daar is de theorie omgekeerd: hoe lager het aantal tandjes, hoe zwaarder je trapt. Enkele mogelijkheden:

· 11/23

· 11/25

· 11/28

· 12/32

De huidige standaard voor veel wielertoeristen is 11/28. Voel je dat dit onvoldoende is? Dan laat je een 12/32 steken. Nu, daar is wel een belangrijke kanttekening bij: dan heb je een nieuwe achterderailleur nodig: eentje met een lange kooi.

Ik weet het, fietsen kan soms zo technisch ingewikkeld zijn. Godzijdank voor de fietsenmakers!

Laats het ons hier op houden! Hopelijk hebben jullie voldoende goede tips 🙂

Bekijk ook de video: “What do you take along when you go out riding?”

Comment

There is no comment on this post. Be the first one.

Leave a comment

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.